Naam: Natasja
Leeftijd: 41 jaar
Gezin: moeder van twee kinderen, co-ouderschap
Beroep: pedagogisch medewerker op een kinderdagverblijf, babygroep
Hoofddoel: pijnverlichting en het behouden van een soepel, pijnvrij lichaam in het dagelijks leven en op het werk
“Mijn onderrug is eigenlijk altijd al een zwakke plek geweest. Het was niet zo dat ik iedere dag hevige pijn had, maar ik merkte het wel op momenten dat ik lang had gelopen of lang moest staan. Na een dagje weg was mijn rug vaak stijf en had ik ’s avonds een kruik nodig. Op verjaardagen hield ik er rekening mee dat lang staan niet lukte. Maar de volgende dag trok het meestal weer weg, dus ik leefde er een beetje omheen.
Dat veranderde toen ik ongeveer anderhalf jaar geleden spit kreeg in mijn onderrug. Vanaf dat moment kon ik echt niets meer. Ik heb platgelegen van de pijn en zelfs zware pijnstillers moeten slikken om het nog een beetje dragelijk te maken. Dat was echt een hele heftige periode.”
“Zoals veel mensen ben ik eerst het reguliere pad ingegaan. Via de huisarts kwam ik bij de fysiotherapeut terecht. Ik kreeg oefeningen mee voor thuis, maar in de praktijk schoten die er vaak bij in. Met werk, twee kinderen en alles wat er in het dagelijks leven speelt, lukte het me gewoon niet om daar consistent mee bezig te zijn.
Toch ben ik, ondanks de pijn, langzaam weer gaan werken. Ik ben iemand die doorgaat. Collega’s hielpen mee door meer te tillen, maar na een tijdje dacht ik wel: dit duurt nu erg lang. Daarna ben ik naar een chiropractor gegaan. Dat gaf even verlichting, maar het was nooit blijvend. Dan voelde ik me na een behandeling een paar dagen beter, en daarna kwam het weer terug. Het was eigenlijk steeds een soort tijdelijke adempauze.
Later ben ik ook nog massages gaan proberen, omdat iemand zei dat mijn spieren misschien helemaal vastzaten van alle pijn. En ook dat hielp wel iets. Uiteindelijk werd het door de combinatie van chiropractor en massages dragelijker, maar helemaal weg ging het nooit. Vooral op werkdagen voelde ik het steeds weer langzaam terugkomen.”
“Even een speeltje van de grond pakken ging niet meer vanzelf.”
“Wat het lastigste was, is dat het overal invloed op had. Niet alleen lichamelijk, maar ook mentaal. Ik houd echt van mijn werk. Ik werk op een babygroep en ben de hele dag in beweging. Maar juist daardoor voelde het alsof er voortdurend een schaduw over mijn werk hing. Ik begon mijn werkdag al met de gedachte: daar gaan we weer. Halverwege de dag voelde ik dan dat eerste zeurende gevoel terugkomen.
De simpelste dingen werden ineens ingewikkeld. Even een speeltje van de grond pakken ging niet meer vanzelf. Bukken werd nadenken. Tillen werd plannen. En in de kinderopvang til je de hele dag door. Dan ben je niet meer onbevangen aan het werk, maar continu bezig met wat je rug wel en niet aankan.
Dat raakte me meer dan ik vooraf had gedacht. Want ik ben dol op mijn werk, maar ik ging er wel met een dubbel gevoel naartoe. Ik wist dat ik het leuk vond, alleen wist ik ook: ergens in de loop van de dag komt dat gevoel weer terug. Dat heeft er echt voor gezorgd dat een deel van mijn werkplezier verdween.”
“Ik had Bailine al vaker voorbij zien komen op Facebook. Zo’n advertentie die je ziet en waar je toch iets van vindt. Eerst dacht ik: ja hoor, daar heb je weer iets nieuws. Want ik had al zoveel geprobeerd. Maar toch bleef het ergens in mijn hoofd zitten. Dat stemmetje dat zegt: probeer het nou gewoon.
Ik heb er best lang over getwijfeld. Juist omdat ik al zoveel had gedaan, hield dat me tegen. Ik dacht op een gegeven moment zelfs: misschien moet ik gewoon accepteren dat dit het is en dat het niet meer echt beter wordt. Maar toen zag ik opnieuw een advertentie en dacht ik: laat ik die proefbehandeling gewoon doen. Dit is dan het laatste wat ik nog probeer.”
Bailine-coach Esther: “Ze kwam echt binnen op een punt dat ze bijna niets meer kon.”
Toen Natasja bij Bailine binnenkwam, was al snel duidelijk dat haar lichaam niet om een standaardaanpak vroeg.
Esther, haar coach, herinnert zich nog goed hoe beperkt Natasja op dat moment was in haar dagelijks leven en op haar werk.
“Ze kwam echt binnen op een punt dat ze bijna niets meer kon. Bukken was lastig, tillen was lastig, en juist dat maakte haar werk met kleine kinderen ontzettend pittig. Je zag gewoon dat ze heel veel pijn had.”
Omdat haar lichaam zo gevoelig reageerde, werd er bewust gekozen om haar traject heel rustig en zorgvuldig op te bouwen.
“In het begin vond ze het echt wel pittig,” vertelt Esther. “Dus we zijn niet zomaar ergens ingestapt. We zijn begonnen met een pijnprogramma en hebben dat heel rustig opgebouwd. Stap voor stap.”
En precies daarin zat de kracht van het traject: niet forceren, maar afstemmen.
Bij Natasja werkte Esther niet volgens een standaardprogramma, maar juist op gevoel, ervaring en reactie van het lichaam.
“Bij haar heb ik het anders aangepakt dan bij gewone rugklachten,” legt Esther uit. “Ik heb gewerkt met een aangepaste instelling en de intensiteit bewust lager gezet, zodat haar lichaam het beter kon verdragen. Daardoor kon ik een groter gebied meenemen en echt de hele spiergroep ondersteunen.”
Dat bleek een belangrijk keerpunt.
“Ik merkte dat haar lichaam daar veel beter op reageerde. Het voelde gewoon alsof we meer bereikten, zonder het te zwaar te maken. Dat werkte veel fijner bij dit soort pijn.”
Wat mooi is: juist doordat Esther goed bleef kijken en luisteren naar wat Natasja nodig had, ontstond er ruimte voor herstel.
Niet in één grote sprong. Maar in kleine, bijna onopvallende stapjes.
“We zijn begonnen met een pijnprogramma en hebben dat heel rustig opgebouwd. Stap voor stap.”
Natasja: “Dat ging eigenlijk sneller dan ik had verwacht. Na een week of vijf begon ik te merken dat ik al een tijdje pijnvrij was. Dat vond ik bijna niet te geloven. Ik was er ook heel voorzichtig mee, want je denkt dan toch: het zal wel weer terugkomen.”
Ook Esther zag dat moment langzaam dichterbij komen.
Esther: “In het begin ging het echt beetje bij beetje,” vertelt ze. “Maar op een gegeven moment zag ik ineens steeds iets meer vooruitgang. Tot ze op een dag zei dat ze een keer had overgeslagen en dacht: hé… moet ik nu niet iets voelen? Maar nee, ze voelde gewoon niks. En dat was natuurlijk precies wat we hoopten.”
Natasja: “Maar toen kwamen er weer uitstapjes met de kinderen. Een hele dag lopen, eropuit zijn, veel doen. En dat ging gewoon goed. Zonder pijn. Zonder dat bekende zeurende gevoel achteraf. Voor het eerst in lange tijd dacht ik: misschien is dit niet tijdelijk, misschien is dit echt.
Mijn rugklachten zijn uiteindelijk echt helemaal verdwenen. En niet een beetje minder, maar gewoon volledig weg. Ook zonder dat ik daarnaast nog de chiropractor nodig had. Dat had ik oprecht niet meer verwacht.”
“Dat ik mijn vertrouwen terugkreeg. Niet alleen in mijn rug, maar in mijn hele lichaam. Dat ik weer dingen doe zonder erbij na te denken. Dat ik op mijn werk een baby van de grond til zonder eerst te voelen of het wel kan. Dat ik weer gewoon beweeg zoals vroeger.
Het besefmoment zat voor mij ook in de kleine dingen. Mijn dochter is net zes geworden en ik had haar heel lang niet opgetild, uit angst dat het weer in mijn rug zou schieten. Tot ik het op een dag gewoon deed. Zonder erbij na te denken. En dat zij toen zei: ‘Maar het lukt je weer.’ Dat kwam echt binnen.
Ook op mijn werk merkte ik het steeds vaker. Kinderen op het kinderdagverblijf die hun armpjes naar je uitsteken voor een knuffel of om opgetild te worden… dat kon ik lange tijd niet onbevangen doen. En nu weer wel. Dat klinkt misschien klein, maar voor mij voelde het alsof ik iets essentieels terugkreeg.”
"De zorgen zijn weg. Het vertrouwen in mijn lichaam is terug. Ik hoef niet meer overal rekening mee te houden en dat geeft zóveel vrijheid.”
“Ja, absoluut. Ik denk dat ik veel bewuster ben geworden van mijn lichaam. Ik ben iemand die altijd doorgaat en signalen makkelijk negeert. Mijn rug was al langer een zwakke plek, maar ik had daar nooit echt iets mee gedaan. Ergens geloof ik ook dat mijn lichaam me op deze manier even echt tot stilstand heeft geroepen.
Ik ben daardoor zachter geworden voor mijn lichaam. Op mijn werk laat ik kinderen nu vaker zelf via het trapje naar de commode lopen. Vroeger tilde ik ze gedachteloos op. Nu weet ik: ik hoef niet altijd de snelste weg te kiezen. En het mooie is: de kinderen vinden het nog leuk ook.”
“Zeker. Juist omdat ik echt kan zeggen dat ik al veel geprobeerd had. Het hielp soms even, het maakte de pijn wat minder, maar nooit ging het helemaal weg. Hier is dat wel gebeurd. Daarom geloof ik ook echt in deze methode.
Ik merk gewoon hoeveel meer plezier ik terug heb gekregen in mijn leven en in mijn werk. Als mensen in mijn omgeving ergens last van hebben, verwijs ik ze daar ook echt naartoe. Omdat ik weet wat het verschil kan maken.”